Rompstabiliteit zorgt voor balans

Lichaamscontrole is een voorwaarde om te kunnen presteren. Wanneer je een topsporter in actie ziet, valt direct op dat zijn bewegingen vloeiend en volledig gecontroleerd verlopen. Hoe hoger het niveau, hoe groter de mate van controle. Afwijkingen in de ideale beweging leiden direct tot een verminderde prestatie. Dus wat onderscheidt de topkorfballer van de mindere goden? Een vraag met veel invalshoeken, die we gaan benaderen vanuit een belangrijk aspect in iedere sport: het vermogen om de balans te handhaven door het stabiel houden van de romp. Kortom: rompstabiliteit als voorwaarde om te presteren.

Lichaamscontrole en balans
De romp vormt een solide basis voor alle arm- en beenbewegingen. Stabiliteit in de romp is dus nodig om deze acties volledig in balans te kunnen uitvoeren.

Duidelijke voorbeelden zijn te vinden in de turnsport. Daar is volledige controle over het lichaam tot een ware kunst verheven. Het valt op dat deze sporters een grote mate van spierontwikkeling hebben, zeker in de romp. Het gaat te ver om korfballers een vergelijkbare trainingslast op te leggen, maar meer aandacht voor dit vaak onderontwikkelde lichaamsgebied, zal op termijn leiden tot betere prestaties.

Een topkorfballer kan een schotpoging gedurende een balansverstoring nog corrigeren en alsnog tot een doelpunt komen. Het scoren zal echter veel makkelijker gaan wanneer de speler volledig in balans is. Het gaat er om de beste voorwaarden te scheppen om doelpogingen effectiever te laten verlopen. Een korfballer die niet voortdurend balansverstoringen hoeft te corrigeren, is in staat om een beter schotpercentage te behalen.

Leeftijd en trainingslast
Bij de jongste jeugd ga je niet met gewichten trainen, maar je kunt spelenderwijs de rompspieren al enige aandacht geven. Laat kinderen staand of zittend de bal van links aanpakken en door het draaien van de romp weer rechts afgeven. Herhaal deze beweging een aantal keer. Maak er een estafette van en inzet is gegarandeerd, want wat is er leuker dan winnen? Houd de focus op de uitvoering van de bewegingen en zorg voor een lage belasting.

Wanneer kinderen in de groeispurt raken, verliezen zij een deel van de controle over hun ledematen. In korte tijd kan een arm of been met 15% groeien en dat maakt het lastig om de bal fatsoenlijk richting te geven. Juist in deze periode kan het trainen van rompstabiliteit het controleverlies beperken. De belasting, zoals bij de eerder genoemde oefening, kan iets worden opgevoerd door bijvoorbeeld gebruik te maken van medicijnballen.

Bij spelers vanaf 17-18 jaar is de grootste groei achter de rug en kan de trainingslast geleidelijk worden opgevoerd. Oefeningen met de swissball zijn moeilijk, maar bieden een prachtig trainingsalternatief. Nog een stap verder is het trainen in de sportschool, maar dat laten we vooralsnog  buiten beschouwing.

Een stabiele romp is voor iedere sporter van toegevoegde waarde. Besteed hieraan regelmatig aandacht en bied jouw spelers een solide basis voor de verdere ontwikkeling van hun (korfbal)capaciteiten.

Get a Trackback link

Nog geen reacties

Reageer als eerste op dit artikel!

Reageer